Op weg naar een (Z)ML-aanpak in Osdorp

‘Het is echt maatwerk’

Amber (links) en Leanne

Op acht scholen in Osdorp kun je ze nu regelmatig tegenkomen: orthopedagogen Amber Sweers en Leanne Alberink van het ABC. Samen met de scholen werken ze aan een aanpak voor (zeer) moeilijk lerende kinderen. Ze begonnen met verkennen: waar zitten de hulpvragen en hoe kunnen we daarop inspelen? Maar binnen de kortste tijd stonden ze ook naast leerkrachten in de groep.

Amber en Leanne, leuk dat we jullie spreken! Wat hebben jullie tot nu toe gedaan in Osdorp?
Leanne: “Tot aan de zomervakantie waren we vooral aan het inventariseren waar de hulpvragen liggen. We merkten meteen dat het niet mogelijk is om alléén door de bril van ‘moeilijk leren’ te kijken. Gedrag speelt ook mee en je kunt leren en gedrag niet los van elkaar zien. Gelukkig hoefden we ons niet tot analyse te beperken en konden we ook meteen met scholen aan de slag.”

Wat is jullie opgevallen?
Amber: “Er zijn groepen waar leerkrachten voor een behoorlijke uitdaging staan. Groepen waarin wel vier OPP’s zijn en soms wel vijf tot zeven onderwijsniveaus om rekening mee te houden. En dat terwijl de leerkracht ook bezig is met gedrag en klassenmanagement.”
Leanne: “In zo’n situatie kan een goede structuur in de klas een groot verschil maken. Je ziet dat de ene leerkracht (en de ene school) daarin sterker is dan de andere. Vandaar dat ook de hulpvragen verschillen. De ene school heeft er behoefte aan dat we elke maand een paar keer meedraaien in de klas om een leerkracht te ondersteunen bij het bedienen van alle kinderen, op de andere school kijken we vooral mee met de IB’er bij het stellen van doelen voor de OPP’s. Het is echt maatwerk!”

Waar zien jullie kansen?
Amber: “Je ziet soms dat er voor elke vraag een handelingsplan geschreven wordt. Dat is heel arbeidsintensief. Dan kunnen we samen kijken hoe we dat efficiënter kunnen inrichten. De afgelopen tijd ben ik bijvoorbeeld met een school bezig geweest om een kader neer te zetten: voor welke kinderen maken wij een OPP?”
Leanne: “‘Geen Kind de Buurt Uit maakt nu de overgang van praten en plannen maken naar dóen. Dat biedt kansen. Het is logisch dat nog niet iedereen voor zich ziet hoe je een kind dat moeilijk leert, op een goede manier binnenboord kunt houden. Daarvoor moet het eerst concreet worden. Dat scholen hier na de zomer de middelen voor hebben, gaat verschil maken.”
Amber: “We hebben de afgelopen maanden in Osdorp gezien dat scholen, vooral IB’ers , echt stappen hebben gezet. Nu komt het erop aan om het ook voor leerkrachten concreet te maken. Dan komt er beweging. Want de wíl om met elkaar inclusief onderwijs te realiseren, die is er.”

Mandy Souverijn, IB’er OBS De Globe, heeft al veel aan de samenwerking gehad: “Het was waardevol om met Leanne te sparren over verschillende casussen en gebruik te maken van haar expertise. Haar objectieve blik tijdens observaties en professionele aanpak bij oudergesprekken heeft ons geholpen om situaties beter in kaart te brengen en passende vervolgstappen te bepalen.”

Deel deze pagina: